Archief

Jaargang 2, nummer 26, 8 april 2013

 

Mijn voorbereiding op het inflatietijdperk

 

Eric PoelmannAfgelopen jaar is de inflatie in Nederland flink gestegen. Niet alleen in Nederland, maar in praktisch alle landen in het westen. Bij ons was het inflatiecijfer 2.5%. Niet veel zult u misschien denken, echter bij een daling van de inkomens tikt een inflatie als deze toch flink aan. En dit is nog maar het begin. Inflatie gaat de komende jaren een steeds grotere rol spelen, omdat dit de enige manier zal blijken te zijn om de overheidsschulden terug te dringen. Maar hoe bereiden we ons voor op een toeneming van de inflatie? De meeste beleggers zullen dan denken, dat goud de beste bescherming biedt tegen de oplopende inflatie. Zelf ben ik daar een wat andere mening toegedaan. Ik zal niet ontkennen dat in tijden van grote volatiliteit, goud wel degelijk een bescherming biedt. Als u tenminste de goede goudmijnaandelen koopt. We hebben de prijs van een ounce goud de afgelopen jaren zien verdubbelen. Maar nu de inflatiestijging in gang is gezet, zien we de prijs van goud teruglopen en zien we ook de koersen van de goudmijnaandelen flink onder druk staan.

Zelf kijk ik graag wat de grootste belegger op dit moment, Warren Buffett, doet op dit gebied. Deze succesvolle investeerder heeft nog nooit één aandeel gekocht in goudmijnen. Om de inflatie voor te blijven, focust hij op een heel andere categorie van aandelen. Buffett koopt aandelen van bedrijven, die maar in geringe mate extra kapitaal nodig hebben om te groeien. Hij bedacht dat bedrijven die niet veel extra kapitaal nodig hebben, in tijden van inflatie gewoon hun prijzen verhogen om die inflatie voor te blijven. Zij kunnen zo hun extra winst aan hun aandeelhouders laten toekomen. Het gevolg? Hogere dividenden, jaar in, jaar uit. Volgens Buffett hebben deze bedrijven “economic goodwill”. De meeste bedrijven met “economic goodwill” produceren eenvoudige merkproducten met een constante kwaliteit en een hoge merkentrouw. En ook opvallend is, dat dit bedrijven zijn die functioneren in de voedselketen. Denk daarbij aan McDonald’s hamburgers, aan Hershey chocolade, aan Coca Cola frisdranken en aan Heinz ketchup.

Onlangs deed Buffett weer van zich spreken, toen hij samen met een hedgefonds een bod deed op de aandelen van Heinz. In Coca Cola heeft Buffett al een flink aandeel. En Hershey (NYSE: HSY) is in dit kader ook een goed voorbeeld. In de periode 2005 tot 2012 heeft deze onderneming voor een bedrag van $1 miljard eigen aandelen ingekocht. Dat is zo’n 10% van het hele bedrijf. Tegelijkertijd werd er voor meer dan $200 miljoen aan dividend uitgekeerd. Hershey kan zich dat permitteren omdat deze onderneming maar weinig nieuw kapitaal nodig heeft om te groeien. In 2012 was het bedrag dat hier jaarlijks voor wordt gebruikt, toegenomen tot $259 miljoen, nauwelijks meer dan in 1997, toen aan gebouwen en machines $172 miljoen werd uitgegeven. Maar intussen steeg de winst met 150% naar $836 miljoen. Dat is wat dit soort bedrijven zo aantrekkelijk maakt. Terwijl omzet en winst blijven groeien, hoeft er nauwelijks meer te worden geïnvesteerd. Hershey hoeft zijn chocolade niet elk jaar opnieuw uit te vinden. Er hoeven geen nieuwe fabrieken te worden gebouwd en omdat veel consumenten gek zijn op chocolade, zijn er ook geen grote reclamecampagnes nodig om de aandacht van de consument te trekken. Eenmaal klant, altijd klant, is het devies van de marketeers bij Hershey. En zo blijft het klantenbestand van dit merkproduct maar groeien en groeien. Daarom typeert Buffett Hershey als een bedrijf met een hoge economische goodwill.

Nu de vergelijking tussen chocolade en goud. Als je een vergelijking maakt tussen de prijsontwikkeling van chocolade en goud in de laatste 30 jaar, dan zie je nauwelijks een verschil. Maar er is wel een ander verschil. Hershey hoeft voor zijn grondstof geen mijnen aan te leggen. Die aanleg is enorm duur. En goudmijnen hebben nog een nadeel. Elke keer als ze een ounce goud verkopen, gaat dat af van de reserves die op de balans staan. Met andere woorden, elke keer als een goudmijn een ounce goud verkoopt, wordt een stukje van zichzelf verkocht. Conclusie? Als u de inflatie bij wilt houden en u als belegger wat meer zekerheid wilt, dan zijn beleggingen in de voedselsector zeker een overweging waard. Deze bedrijven verhogen hun prijzen immers met de inflatie, hoeven weinig meer te investeren en zien hun winsten met de inflatie oplopen en daarmee ook hun dividenduitkeringen. GroeiDividend heeft een aantal van deze bedrijven in haar lijst staan en als abonnee heeft u altijd toegang tot deze lijst. Een abonnement is de moeite waard!   

 

Hartelijke groet,

Eric Poelmann