Archief

Jaargang 4, nummer 24, 31 maart 2015

 

Een kleine bank met 4% dividend

Eric Poelmann 

In onze renteloze wereld is zelfs een laag dividend al heel wat. In mijn speurtocht naar dividendaandelen stuitte ik onlangs op een bank waar ik, bij mijn laatste bezoek in Washington DC, geld uit de ATM heb gehaald. Dat was bij National Penn Bancshares (NASDAQ: NPBC). Banken, en speciaal de kleinere banken in Amerika, hebben mijn interesse. Tijdens de financiële crisis is die sector flink opgeschud. Banken, die slecht geleid werden of onder gekapitaliseerd waren, moesten hun deuren sluiten of werden gedwongen overgenomen. De banken die overbleven, zijn ofwel van een betere kwaliteit en kunnen groeien, ofwel zijn een mogelijke overnameprooi. Bij National Penn kan het in mijn ogen twee kanten uitgaan. De bank is groot genoeg om overnames te doen maar is ook een mogelijke kandidaat om te worden overgenomen.

Dividend verhoogd
National Penn opereert in het oosten van Amerika en heeft zijn thuisbasis in Pennsylvania. Daarnaast zijn er, dankzij overnames in het verleden, ook vestigingen in New Jersey, Maryland en Delaware. De bank is op de eerste plaats gericht op de consument, maar doet daarnaast ook in beleggingen (wealth management) en verzekeringen. National Penn kan worden beschouwd als een kleine tot middelgrote bank met een totaal aan deposito’s van $6,7 miljard. De aandelen met een boekwaarde van $8,08 noteren rond $10,70. De overwaardering is gerechtvaardigd, want de bank verhoogt regelmatig zijn dividend. De laatste verhoging dateert van eind oktober vorig jaar, toen het kwartaaldividend met 10% werd verhoogd van 10 naar 11 cent per aandeel. Daarmee komt het dividendrendement uit op 4,1% bij een payout ratio van 59%. De op risico gebaseerde kapitaalratio komt op 14,08% over 2014, waarmee National Penn ruim boven het vereiste minimum uit komt.

Waarde per aandeel stijgt
Het management slaagt erin om door verlaging van kosten en de inkoop van eigen aandelen, de winst per aandeel te doen stijgen. De kosten konden onder andere worden verlaagd door het aflossen van dure leningen en het omzetten van leningen tegen een lagere rente. In 2015 zal voor een bedrag van $125 miljoen eigen aandelen worden ingekocht. Daarmee is National Penn voor aandeelhouders, die van dividendgroei houden, een interessante belegging. Maar ook de groei van de bank zelf kan interessant zijn, met name door mogelijke overnames. In Pennsylvania is National Penn de grootste regionale bank met meer deposito’s dan welke andere regionale bank in deze staat ook. Daarmee is de bank een interessante speler als het gaat om overnames. Maar ook buiten Pennsylvania wordt voorzichtig omgekeken naar overnamekandidaten. Onlangs werden TF Financial in New Jersey en Christiana Bank & Trust in Delaware overgenomen.

Aantrekkelijk
Door de overnames kan efficiënter gewerkt worden, waardoor het concern voor de aandeelhouders nog meer te bieden heeft. Het grootste minpunt is de rente, maar bij National Penn is een belangrijk deel van de inkomsten niet van rente afhankelijk. Door de lage rente wordt de groei van de bank wel geremd. En zolang die rente laag blijft, moet de groei komen uit de overnames. Daarbij moeten we ons realiseren dat iedere overname door de Fed moet worden goedgekeurd. Alles bij elkaar vind ik het wel een aantrekkelijk aandeel. De koers is weliswaar 30% hoger dan de boekwaarde, maar daar staat een mooi dividend tegenover, dat ook nog eens regelmatig verhoogd wordt. Daar komt de mogelijkheid tot groei bij door de sterke consolidatie in de regionale bankensector.

Share this page

Hartelijke groet,

Eric Poelmann