Archief

Jaargang 4, nummer 26, 8 april 2015

 

Een mooi groeiaandeel

Eric Poelmann 
Vliegen wordt steeds populairder. Voor een appel en een ei vliegen we de halve wereld over. En de luchtvaart industrie blijft ook de komende jaren flink groeien. De orderportefeuilles van Boeing en Airbus zitten voor jaren vol. Maar het zijn niet alleen de makers van vliegtuigen en de luchtvaart maatschappijen die profiteren van deze ontwikkeling. Ook de vliegvelden groeien mee en zeker die van de ontwikkelingslanden maken een stormachtige groei door. Het aardige van de vliegvelden is, dat ze vaak een soort monopolie positie hebben en dus goed kunnen verdienen. Alleen kunnen we als beleggers daar maar in beperkte mate van profiteren. Maar er zijn uitzonderingen.

Mexicaanse luchthavens
De OMA groep in Mexico heeft een aantal jaren geleden een concessie gekregen van de Mexicaanse regering om 14 internationale luchthavens in het midden en noorden van Mexico te mogen exploiteren. De onderneming heeft de naam Grupo Aeroportuario del Centro Norte (NASDAQ: OMAB). Er zijn twee plaatsen bij waar velen onder ons wel eens van gehoord zullen hebben, de badplaats Acapulco en Monterrey, het op twee na belangrijkste zakencentrum in Mexico. OMA bestaat sinds 1998 toen Mexico zijn luchtvaartindustrie begon te privatiseren. De onderneming heeft twee divisies. De aeronautical division, die inkomsten heeft uit passagiers, landingsrechten, parkeerfaciliteiten, bagage en beveiliging. Daarnaast is er de non-aeronautical division, die zijn inkomsten krijgt uit de lease van ruimte aan luchtvaartmaatschappijen, restaurants en winkels.

Vijftig jaar
Het mooie van de concessie met de Mexicaanse overheid is, dat die is afgegeven voor een periode van 50 jaar. En met dit wettelijke monopolie heeft OMA zich ontwikkeld tot een ware winstmachine. In 2014 steeg het aantal passagiers met 10,6% tot 14,7 miljoen. En met al die passagiers stijgen ook omzet en winst. De verwachting is, dat dit nog wel even zo doorgaat. Op de eerste plaats omdat, zoals het er nu uitziet, de wereldluchtvaart de komende 20 jaar in omvang zal verdubbelen en omdat Mexico miljarden investeert in zijn economie en specifiek in de toeristenindustrie. Daarnaast investeert Mexico in de komende 6 jaar $315 miljard in zijn infrastructuur. Niet alleen in wegen, maar ook in havens, telecomsystemen en nutsvoorzieningen. Ook door de private sector wordt er flink geinvesteerd in bijvoorbeeld hotels. Mijn aanbeveling van deze week profiteert dus van zowel de investeringen van de overheid als van die in de private sector.

Flinke investeringen
OMA investeert zelf ook honderden miljoenen om zijn passagierscapaciteit uit te breiden. Zo kondigde de onderneming in juli 2014 een investering van $23,4 miljoen aan in de eerste fase van een nieuwe terminal op Acapulco International Airport. Daarmee kunnen 1 miljoen meer passagiers worden verwerkt. In de tweede fase wordt de capaciteit met nog eens een miljoen verhoogd. In Monterrey wordt een nieuw Hilton Garden Inn hotel gebouwd. Daarnaast zijn er plannen voor nog eens tientallen miljoenen in de maak, omdat de overheid in ruil voor de concessie nieuwe investeringen in en rond de luchthavens wil zien.

Mooi dividend
Naast investeringen genieten ook de aandeelhouders van de goede ontwikkelingen. Sinds 2008 wordt er elk kwartaal dividend uitgekeerd. Het dividend bestaat uit een vast en een variabel deel. Vast wordt elk jaar $22 miljoen aan de aandeelhouders uitgekeerd. Bij het variabele deel wordt rekening gehouden met de investeringen in de komende 12 maanden en met de te verwachten operationele kosten in de komende 6 maanden. Dankzij de record omzetten is vooral het variabele deel de afgelopen tijd flink gegroeid. Het dividend is sinds 2012 bijna verviervoudigd van 50 cent naar $1,98 in 2014. En omdat dit jaar de groei verder doorgaat, verwacht ik wederom een dividendstijging. Als u het aandeel onder $40 op de kop weet te tikken, ziet u het dividendrendement dit jaar uitstijgen boven 5% met de kans op een verdere stijging in de komende jaren.

Share this page

Hartelijke groet,

Eric Poelmann