Archief

Jaargang 4, nummer 79, 16 november 2015

  

Olie kent niet alleen verliezers

Eric Poelmann

 
De prijs van olie is het afgelopen jaar naar beneden geknald. Aanvankelijk dachten veel beleggers dat dit een tijdelijk verschijnsel zou zijn, maar wat is tijdelijk? Eén of twee jaar? Het Internationaal Energie Agentschap (IEA) denkt dat de prijs in de komende vijf jaar kan oplopen naar $80 per vat. Met de nadruk op kan! Het kan ook zo zijn, dat de prijs van olie nog jaren zal blijven hangen op het huidige niveau. Met andere woorden, het IEA heeft zelf geen idee waar het met de prijs van olie naar toe gaat. De organisatie kan beredeneren dat er minder investeringen in olie gaan zijn, en dat als gevolg daarvan de productie geleidelijk bij de vraag zal achterblijven. Maar die vraag is mede een gevolg van de economische ontwikkelingen. En als die achter blijven, zal de prijs van olie nog lange tijd op een laag niveau blijven. De bedrijven, die aan oliewinning doen en massief kosten sparen, kunnen overleven. Maar er is een sector in de olie-industrie, die juist baat heeft bij wat er allemaal gebeurt.

Wie zijn de winnaars
Er is een sector die olie inkoopt, het verwerkt tot producten, die we dagelijks nodig hebben en die producten vervolgens weer verkoopt. Ik denk, dat u al weet waar ik het over heb. De raffinaderijen. En dan speciaal die bedrijven, die zich specialiseren in uitsluitend de raffinage. Hun winsten zijn sinds de daling van de prijs voor olie enorm gestegen. Zij profiteren van wat de Amerikanen de alsmaar stijgende Crack Spread noemen. Dat is het verschil tussen de aankoop van een vat olie en de producten, die daaruit kunnen worden gegenereerd. Hoe groter de Crack Spread wordt, hoe meer de raffinaderijen verdienen. Zij maken op dit moment record marges, ondanks dat ook de benzineprijzen zo laag zijn. De grote Amerikaanse raffinaderijen hebben tot nu toe dit jaar op een vat olie een marge gemaakt van $12,21. Dat is heel wat meer dan de $4 in 2010 en de $8 in 2013. Tegelijkertijd is de vraag naar benzine in Amerika ook naar record hoogte gestegen. Volgens het IEA is in de eerste 6 maanden van dit jaar de vraag met 3% gestegen naar 9 miljoen vaten per dag.

Vraag blijft stijgen
En we weten inmiddels, dat juli in Amerika helemaal een topmaand was. Amerikaanse automobilisten reden gezamenlijk 283,7 miljard mijl. Dat was 4,2% meer dan in juli 2014 en de grootste stijging sinds 1992. Als gevolg daarvan hebben de raffinaderijen op een record capaciteit gedraaid. Zij hebben 17 miljoen vaten per dag verwerkt en dat was het grootste aantal sinds het IEA begon met de registratie van het aantal benodigde vaten in 1990. En u begrijpt het al, record marges bij een record productie leiden tot record winsten. En omdat ik voorlopig de prijs van ruwe olie niet op het oude niveau zie terugkeren, kunnen beleggers in raffinaderijen flink profiteren van de lage olieprijs. Zelfs als olie naar $80 zou stijgen, is dat nog altijd aanmerkelijk goedkoper dan de $105, die in juli 2014 nog voor ruwe olie moest worden betaald.

Wie profiteert
Vandaag nemen we de grootste raffinaderij in Amerika onder de loep. Ik heb het dan over Valero (NYSE: VLO). Deze onderneming raffineert 1,9 miljoen vaten olie per dag. De netto winst is in de laatste 12 maanden met 50% gestegen naar $4,85 miljard. Tegelijkertijd is de koers van het aandeel met 42% opgelopen. Daarbij profiteert Valero als Amerikaans bedrijf nog eens extra. Dankzij de fracking is de dagelijkse productie van olie in Amerika opgelopen van 3 miljoen vaten naar 9,5 miljoen vaten. Maar al die extra olie mag niet worden geëxporteerd. Door dat extra overschot koopt de raffinaderij olie met een korting in vergelijking met wat op de internationale markt moet worden betaald. Daarmee groeit de winst in 2015 met 28%. Analisten gaan ervan uit dat die winst de komende jaren met 11,5% per jaar kan worden uitgebouwd en de aandeelhouders profiteren van deze ontwikkeling. In het derde kwartaal werd $1,3 miljard aangewend voor de uitbetaling van dividend en de inkoop van eigen aandelen. De aandeelhouders kregen een kwartaaldividend van 40 cent per aandeel, tegen 27,5 cent vorig jaar. Maar het merendeel werd aangewend voor de inkoop van eigen aandelen. Met $1,1 miljard werden 17,2 miljoen eigen aandelen van de beurs gehaald, waarmee het aantal uitstaande aandelen met 3,3% werd gereduceerd tot 494 miljoen. Daarmee gaat de winst per aandeel straks nog eens extra omhoog. En hoewel het aandeel een hoge koers noteert, is het eigenlijk nog altijd goedkoop met een koers/winst verhouding van 8. Valero is met een dividendrendement van 2,3% en een payout ratio van 16,8% daarom een aanrader.  

Share this page

Hartelijke groet,

Eric Poelmann