Jaargang 1, nummer 58, 8 augustus 2012

 

Nutsbedrijven of staatsobligaties

 
300_eric_poelmann.jpgBeleggers kiezen op dit moment vaak voor veiligheid en dan zijn staatsobligaties een belangrijke overweging. Tenminste, als ze zijn uitgegeven door de “veilige” landen, maar de obligaties van de veilige landen hebben wel het probleem dat ze weinig effectief rendement genereren, omdat de koersen op een hoog niveau staan. Een alternatief voor de staatsobligaties zijn de aandelen van nutsbedrijven en met name die van de elektriciteitsmaatschappijen. De goede staatsobligaties, zoals die van Amerika, Duitsland en Nederland, leveren een rendement op van minder dan 2%. Als u de heffing in box 3 meerekent, komt u bij deze obligaties zelfs negatief uit. En dan heb ik het nog niet over de inflatie. Als we naar een stabiele cash flow uit onze belegging willen, dan verdienen de nutsbedrijven zeker de aandacht. In een aantal gevallen leveren die 400 basispunten (4%) meer op dan de staatsobligaties. Een stijging van de rente kan de koers van de nutsbedrijven zeker aantasten, maar de hoge koersen van de staatsobligaties worden zeker aangetast naarmate de aflossingsdatum naderbij komt. Als u daar nog eens iets over wilt lezen, kunt u hier klikken. Als de staatsobligaties het rendementspeil van de aandelen van nutsbedrijven weer willen benaderen, dan zullen ze toch een ware crash moeten doormaken om tot een aanvaardbaar koersniveau te komen. Er zijn drie redenen waarom de aandelen van nutsbedrijven voor beleggers momenteel de moeite van het overwegen waard zijn. Op de eerste plaats is het lage renteniveau dat we nu meemaken uitzonderlijk. Ik heb dit in mijn leven nog niet eerder gezien. En als de uitspraken van de leiders van de centrale banken ons niet bedriegen, dan zal dat lage niveau nog wel even aanhouden. In Amerika wordt al gesproken over 2015 als het moment waarop de rente op zijn vroegst weer zou kunnen gaan stijgen. Een rentestijging van 50 basispunten, en dat is veel op staatsobligaties, betekent een stijging van 1,6% naar 2,1%. Grote Amerikaanse nutsbedrijven hebben een dividendrendement van minimaal het dubbele. U hebt dan een mooi rendement met een lage volatiliteit door een beta van 0,18, wat betekent dat deze aandelen 82% minder volatiel zijn dan de beurs als geheel. Op de tweede plaats lijkt de politiek in Amerika op dit moment de nutsbedrijven met rust te willen laten. Het gebrek aan visie bij de politici betekent in feite dat de elektriciteitsbedrijven de wind wat in de rug hebben. En met de verkiezingen in Amerika in het vooruitzicht, geloof ik niet dat er de komende maanden ook maar iets in deze richting zal gebeuren. En tenslotte het weer. Amerika heeft een uitzonderlijke milde winter achter de rug. De winter was zo zacht, dat het gemiddelde verbruik per huishouden 9% lager lag dan normaal. Dat heeft de koersen van de aandelen wat gedrukt, omdat er minder marge is gemaakt. Maar dat is uitzonderlijk en wordt momenteel alweer uitgewist door een hittegolf die Amerika al lang niet meer gezien heeft. En een hittegolf is goed voor de elektriciteitsmaatschappijen, die profiteren van het massaal gebruik van de airconditioners. Dat brengt extra omzet en dus extra zekerheid voor de uitbetaling van het dividend. Voor de aandeelhouders van elektriciteitsmaatschappijen kan het niet warm genoeg zijn. Analisten voorzien de komende jaren een toenemend elektriciteitsverbruik, waarbij de winsten van de elektriciteitsbedrijven tussen de 4% en de 6% zullen stijgen. Ik verwacht dat het dividend daarmee gelijke tred zal houden. En een stijgend rendement door hogere uitkeringen is iets dat we bij de staatsobligaties ook niet kennen.

In de volgende aflevering neem ik een Amerikaanse elektriciteitsmaatschappij onder de loep. Het gaat hier om een Alsmaar Meer Dividend Betaler (AMDB). Een onderneming dus, die elk jaar weer zijn dividend verhoogt.

 

Met vriendelijke groet,

Eric Poelmann